Wattage berekenen

De spanning die in Nederland wordt gebruikt is 230 volt. Wanneer we appararaten gaan gebruiken moeten we goed in de gaten houden hoeveel we op een groep aan sluiten. Er zijn zekeringen van 6,10 of 16 ampère. Deze zekering springt uit wanneer hij te veel belast wordt. Dit is uiteraad een beveiliging.

Door het wattage te delen door het voltage kunnen we de ampère berekenen.

Voorbeeld:
Een boormachine van 800 watt: 230 volt = 3.48 ampère.

Of hoeveel watt mag ik aan een zekering hangen?

Voorbeeld:
6 ampère x 230 volt is 1380 watt.

In de meterkast

Het onderste deel bestaat uit een verzegelde kast, een verzegelde elektriciteitsmeter en een verdeelkast. Dit is alleen voor de medewerkers van het energiebedrijf. Ons advies is om de grotere veranderingen door een erkend installatie bedrijf te laten doen en de je verder alleen bezig te houden met de kleinere klussen.

Werk altijd met goed geïsoleerd gereedschap en draag schoenen met rubberen zolen. Gebruik liever een houten trap dan een aluminium zodat er geen geleiding kan ontstaan. Werk niet in de regen en ga niet in een plas staan.

Aardlekschakelaar

Bij een badkamer moeten we ons zeer goed aan de regels houden. De combinatie van elektriciteit en water zijn zeer gevaarlijk. Het energiebedrijf heeft hiervoor de volgende richtlijnen: Natte ruimtes zonder (installatie A) of met (installatie B) aardlekschakelaar.

  • A: Is een groep zonder aardlek. Hier mag geen stopcontact geplaatst worden. Een licht schakelaar mag alleen wanneer deze hoog zit en bediend word met een trekschakelaar. Verder moet de verlichting die hier gebruikt word water dicht zijn, geaard of dubbel geïsoleerd. Halogeenlampen mogen hier alleen gebruikt worden als de 24 volts transformator buiten de natte ruimte geplaatst is.
  • B: Is een groep een groep met een aardlek schakelaar. Hier heeft het energie bedrijf een zone-indeling voor gemaakt. In de afbeelding hier onder is dit te zien. In zone 1 en twee mag niets wat met elektra te maken heeft geplaatst worden. In zone 3 mogen wel stopcontacten, schakelaars en verlichting geplaatst worden.

De kleuren

Bruin – plus of fase draad
Blauw – min of nul draad
Zwart – schakeldraad
Geel/Groen – aarde draad

De kleuren in een oude installatie:

Groen – plus of fase draad
Rood – min of nul draad
Grijs – aarde draad

Leidingen en afstanden

Aan materiaal hebben we verder nog de volgende mogelijkheden:

Leidingen of kunststof buizen in lengtes van 2 of 4 meter, maar ook in een flexibele versie.

5/8″ = 16 mm
3/4″ = 19 mm

De leidingen kunnen door middel van sokken aan elkaar gekoppeld worden. Komt de leiding op de muur dan moet deze om de 40 tot 50 cm vast gezet worden met zadeltjes. Bij flexibel om de 30 tot 40 cm. Wordt de leiding in de muur gefreesd dan is het verstandig om dit iets in een golf beweging te doen. Hierdoor komt de leiding beter vast in de sleuf te zitten.

Verschillende dozen

  • Wanneer we een leiding over een grote afstand moeten treken is het verstandig om halverwege een trekdoos te plaatsen. Dit om de kabel met een tussen stop te treken.
  • Verder zijn er nog T-dozen. Ze dienen om een aftakking te maken.
  • De vorkdoos is bijna hetzelfde alleen maakt deze twee of drie aftakkingen.
  • De centraaldoos. Deze vinden we op een centrale plaats. Meestal in het plafond. Hierin worden alle verbindingen gemaakt tussen schakelaars, lampen en stopcontacten.

TIP
Wanneer we een groep uit willen schakelen is dit vaak een heel gezoek om te vinden welke stop eruit moet! Plak een sticker boven de groep of hang een papier in de meterkast met daarop alles wat onder een groep valt, dan zie je dat in een oogopslag!

Vertinnen

Wanneer je een stroomkabeltje stript en de draad in een stekker wil zetten, heb je er vaak last van dat de draden er niet allemaal tegelijk in willen.

Je kunt het uiteinde vertinnen waardoor het een geheel wordt. Laat hiervoor met behulp van een soldeerbout een druppeltje soldeer op de kale draad vallen (doe dit wel op een onbrandbare ondergrond). Zo heb je altijd een stevig stukje snoer, ook al zou je hem meerdere malen los en vast maken.

Leidingdetectoren

Wanneer je gaten moet boren moet je oppassen dat je niet door een leiding heen boort. Weet je niet zeker waar ze lopen dan zijn er leidingdetectoren verkrijgbaar waarmee je de leidingen kunt opsporen.

  • Zet deze tegen de muur, op de plek waar je wilt gaan boren.
  • Gaat het apparaat piepen of een lampje branden dan zit daar een leiding.
    Schuif de detector dan op totdat hij stopt met piepen. Je kunt nu veilig boren.

Zelf aanleggen

Elektriciteit zelf aanleggen, kan een hoop in de kosten schelen. Maar elektriciteit kan gevaarlijk zijn! Je moet dus wel erg zeker van je zaak zijn om er zelf mee aan de gang te gaan.
Het kan en mag wel. Maar als je ernstige kortsluiting krijgt en je huis zou afbranden, dan vergoedt de verzekering dat niet. Om dit te voorkomen moet je de hele installatie laten keuren door een erkende instantie. Bijvoorbeeld bij een elektrische installatie bedrijf.

Flexibele pvc-buis

Op sommige plaatsen is het gemakkelijker een stuk flexibele pvc-buis te gebruiken dan een harde buis te buigen. Omdat zo’n stuk flexibele buis bochtig loopt, is het soms lastig de elektriciteitsdraden er doorheen te trekken. Trek daarom de draden er doorheen voordat je het stuk buis vast zet.